In het debat(?) over de positie van links in Terzake 09 van 19 mei voelde Frank Vandenbroucke zich duidelijk goed in zijn vel. Ik plaats een vraagteken bij het woord debat omdat het geheel eerder als een monoloog van het SP.A-kopstuk omschreven moet worden. Vandenbroucke was natuurlijk centrale gast in het programma en genoot daar zichtbaar met volle teugen van. Zo kreeg hij onmiddellijk voor het debat de gelegenheid om zich in een tête a tête met Kathleen Cools van zijn meest sympathieke (of slijmerige, het is maar hoe je het bekijkt) kant te laten zien. En dus stapte hij meer dan vol van zichzelf naar de debattafel, waar hij op het aangezette elan verder oreerde, daarin nauwelijks door ankers Cools en Verstraete gehinderd. Een mooi meegenomen nummertje zelfverheerlijking, met Peter Mertens en Geert Lambert als figuranten en obligaat afgerond met de vooraf opgestelde conclusies van Carl Devos. Verkiezingsdebat anno 2009! Maar dat wisten we natuurlijk al langer.

Wat mij vooral bijblijft, is het moment waarop Vandenbroucke zich plots tot Mertens en Lambert richtte met de oproep om links niet te verdelen maar mee te gaan in een groot en sterk socialistisch project (SP.A, wel te verstaan). Plots ontpopte Vandenbroucke zich tot een bezorgde en plichtsbewuste pater familias die de afgedwaalde zonen met zalvende woorden terug naar de stal wil leiden. Op die manier speelt hij handig in op wat Lieven Verstraete in de inleiding van het gesprek als het actuele cliché over links omschreef: links is de pedalen kwijt, is hopeloos verdeeld en heeft daarom totaal geen slagkracht. Vandenbroucke suggereert nu dat wat links verdeelt, slechts details zijn en de moeite niet waard om over te kibbelen.

Die drang om links te verenigen kan misschien socialistisch lijken, maar is dat helemaal niet. Het is integendeel veeleer een liberale betrachting. In haar boek ‘Over het Politieke’ omschrijft Chantal Mouffe de liberale ideologie als een ideologie die geen verschil verdraagt. Het is haar streven om het politieke landschap (en daarbij aansluitend de hele samenleving) zoveel mogelijk te egaliseren, om elk verschil te herleiden tot een te verwaarlozen nuance. Ze wil dat doen vanuit de overtuiging dat een echte democratie pas mogelijk is wanneer iedereen zich tot dezelfde consensus bekend heeft.

In het centrum en ter rechterzijde van ons politieke landschap is dat mechanisme zeer goed zichtbaar. Het wordt bevolkt met partijen die zich allemaal terugvinden in een liberale consensus, namelijk die van de vrije markt. De verschillen zijn vaak inderdaad verwaarloosbaar. Of zoals Jaap Kruithof het stelde: er zijn alleen nog neo-liberalen. Zo kan bijvoorbeeld Jean-Luc Dehaene vandaag zeggen dat er weinig verschil is tussen hemzelf en Guy Verhofstadt. Zo kan een SP.A-minister vandaag zeggen dat het nieuwe boek van Verhofstadt een ‘socialistisch werkstuk’ is. En zo zie je ook dat vandaag elke partij zich dezelfde etiketten toebedeelt: ze zijn allemaal liberaal en ook sociaal en ook progressief en ook groen.

Vandenbroucke toont zich met zijn oproep tot samensmelting in feite een echte liberaal. Hij tracht de verschillen te banaliseren en zo de linkerzijde in te lijven bij de grote consensus. Niet echt verbazingwekkend, want zijn partij is niet in het minst ten prooi aan het liberale mechanisme van egalisering. Het is een partij die de liberale marktideologie heeft ingeslikt en die met een sociaal gekleurd sausje overgiet. Het is dan ook de partij die na jarenlange regeringsdeelname beschaamd moet erkennen dat de armoede in ons land stijgt, dat we de laagste pensioenen van Europa uitkeren, dat er steeds meer gezinnen en jonge mensen dakloos zijn, dat dertig procent van onze jongeren bij gebrek aan perspectieven dreigt verloren te gaan in probleemgedrag, dat mensen massaal hun job verliezen, en ga zo maar verder.

De oproep van Vandenbroucke aan de PVDA+ om links niet te verdelen, is dan ook een erg misplaatste omkering van de werkelijkheid. Wie verdeelt nu eigenlijk links? De SP.A, die gaandeweg haar socialistische beginselen heeft verloochend, verdeelt om te beginnen zichzelf. Er is nu enerzijds de SP.A van Vandenbroucke en anderzijds de SP.A-Rood van Erik Debruyn, eigenlijk een partij binnen de partij die snel gedwongen zal worden om af te scheuren. En ongetwijfeld heeft de SP.A, door zich te bekennen tot de liberale consensus, heel wat achterban de straat opgejaagd, op zoek naar een links alternatief.

Slagkracht is niet altijd gelijk aan numerieke sterkte. Slagkracht heeft op termijn meer te maken met beginselvastheid. In die zin is een kleine maar consequente PVDA+ veel interessanter dan een grote SP.A die tegelijk warm en koud blaast. De PVDA+ is namelijk een partij die zich voorneemt om het socialisme in ere te herstellen en het opnieuw op de politieke kaart van België te zetten. Dat is een wezenlijk verschil met de SP.A van Frank Vandenbroucke, geen detail. En voor echte socialisten bestaat een echte democratie alleen in de erkenning van het verschil.

Advertenties