Naar aanleiding van het plan van Steve Stevaert en Chokri Mahassine om een rockfestival te organiseren in Havana, trekt Bart De Wever (DS 11 januari) van leer tegen wat hij omschrijft als ‘een riedel die in linkse kringen herhaald wordt om de dictatuur te verschonen’. Een ‘drogredenering’, zo schrijft hij nog.

Het eerste deel van die bedrieglijke riedel is het argument dat het VS-embargo tegen Cuba aan de basis ligt van heel wat problemen. Merkwaardig dan toch dat in oktober 2010 maar liefst 187 landen van de VN een resolutie goedkeurden die de opheffing van dat embargo vraagt. Alleen de VS en Israël stemden tegen, er waren drie onthoudingen. Dat betekent dat zowat de hele wereld het inmiddels 50 jaar aangehouden embargo als onrechtvaardig beschouwt. Loopt die wereld dan plots vol met socialisten die zich, zoals De Wever beweert, vrolijk in de luren laten leggen door de Castro’s en hun trawanten? Weinig waarschijnlijk. Niet alle 187 landen onderschreven de resolutie uit sympathie voor het socialisme of voor het Castro-regime. Heel wat landen hebben dat ongetwijfeld gedaan uit weloverwogen eigenbelang, omdat ze hun slag thuis willen halen op de zich langzaam openende Cubaanse markt. Maar welke motivatie hen ook mag drijven, hun steun voor de resolutie toont hoe dan ook aan dat men zeer goed beseft dat het embargo een fundamentele hindernis vormt voor de ontwikkeling van Cuba.

Tweede deel in de linkse riedel is het argument dat dissidenten op Cuba in feite door de VS betaald worden om de Cubaanse staat te destabiliseren. Nochtans getroosten de VS zich nauwelijks enige moeite om te verhullen dat ze inderdaad grote sommen geld investeren in de opbouw van een oppositiebeweging. Via overheidsprogramma’s, via de officieuze VS-ambassade in Havana (SINA), of via USAID (het VS-agentschap voor internationale ontwikkeling) worden openlijk vele miljoenen dollars betaald aan dissidente groepen en individuen. Die laatsten stellen zich zo ondubbelzinnig ten dienste van een buitenlandse macht die de ondergang van het regime beoogt. Waar ter wereld zou dat niet strafbaar zijn? Merkwaardig is ook dat de VS helemaal niet zo hoog oplopen met die Cubaanse dissidenten. In recent gelekte telexen, waar De Wever ook naar verwijst, verklaart de chef van de officieuze VS-ambassade in Havana dat de oppositie in Cuba meer wakker ligt van geld dan van greep krijgen op de bevolking. Hij wijst verder op de onderlinge verdeeldheid, de hang naar toekomstige postjes en de rivaliteit met de Cubaanse ballingen in Miami en Spanje. Hij kan ook niet anders dan toegeven dat de Cubaanse dissidenten nauwelijks iemand vertegenwoordigen.

Bart De Wever eindigt met het uitspreken van zijn voorkeur voor het land waar Neil Young harde sociale kritiek kan spuien in zijn overbekende hit Rockin’ in the Free World. Dat hij nog maar eens goed luistert naar de tekst van dat nummer. Het is een bijtende tekst over die glorieuze Vrije Wereld, waar voor ontelbare mensen het leven zinloos is, waar aan de grond geraakte jonge vrouwen hun kinderen bij het vuilnis moeten dumpen, waar die kinderen kansloos en zonder onderwijs opgroeien, waar de zorg voor daklozen en armen in handen is van liefdadigheidsinstellingen, terwijl de meest hallucinante geldsommen worden geïnvesteerd in wapens en zinloze oorlogen. Het is die wereld die men op Cuba, met vallen en opstaan, probeert weg te houden. Omdat men in die uitverkoren Vrije Wereld over de personages uit het lied van Neil Young precies hetzelfde denkt als Theodore Dalrymple, die grote inspiratiebron van Bart De Wever: dat ze asociale parasieten zijn die een responsabiliserende schop onder hun kont moeten krijgen. De zwakken onder ons staan fraaie dingen te wachten als Bart De Wever hier begint te rocken. Laten we Neil Young alvast bij de hand houden.

Advertenties