islam

 

Geachte heer Somers,

Ik heb even getwijfeld of ik deze brief wel zou schrijven. Omdat de gruwel in Parijs wel eens een makkelijk argument zou kunnen zijn om hem zonder meer van tafel te vegen. Uit verschillende richtingen klinkt immers opnieuw de luide roep om meer militair geweld, vergelding, meer politie, meer controle en repressie, verbod op de islam. En dan kom ik met een schrijfsel om een door u voorgestelde controlemaatregel in vraag te stellen.

Maar het zou natuurlijk dwaas zijn om het politieke en maatschappelijke debat te staken of te pauzeren omwille van de actualiteit, hoe schokkend die ook moge zijn. Onze mening en argumentatie even inslikken omdat de actualiteit ze niet gunstig is, kan denk ik geen optie zijn. Dus begin ik er toch maar aan.

In het Vlaams Parlement betoogde u onlangs dat de Mechelse politie controles moet kunnen uitvoeren bij salafistische moslims die hun kinderen thuisonderwijs geven. Dat om te vermijden dat de betrokken jongeren in de ban zouden geraken van al te radicale denkbeelden. Niet dat u het oorzakelijk verband tussen salafisme en terreur als vanzelfsprekend beschouwt, maar de mogelijkheid dat het ene uit het andere voortvloeit, is voor u voldoende om aan te dringen op controles.

Ik vraag me af of u hiervoor misschien inspiratie heeft gevonden in Rotterdam. Daar woedt al geruime tijd een nogal onfris debat over de toekomst van het thuisonderwijs. De wethouder van Onderwijs, Hugo de Jonge, wil dat het liefst zo snel mogelijk volledig afschaffen. Zijn voornaamste motivatie: de mogelijke radicalisering van salafistische moslims. Waar men in Rotterdam nog aan denkt, is het strenger maken van de voorwaarden om een toelating te krijgen voor thuisonderwijs. Nog een ander ballonnetje is het thuisonderwijs verbieden voor moslims. Dat laatste ideetje oogst nogal wat bijval bij de partij van Geert Wilders.

Ik denk dat geen van deze drie pistes wenselijk is. Het kan toch niet zijn dat we wettelijk vastgelegde voorzieningen afschaffen omdat ook moslims er gebruik van maken? We kunnen toch niet aanvaarden dat de toegang tot die voorzieningen bemoeilijkt wordt om moslims te ontmoedigen? En we willen toch helemaal niet dat voorzieningen verboden worden voor moslims? In Rotterdam zien we een duidelijk voorbeeld van een vaak terugkerend fenomeen. Maatschappelijke voorzieningen worden ingeperkt of moeilijk toegankelijk gemaakt van zodra ongewenste groepen er teveel gebruik van maken. Ik mag dus hopen dat u niet aanstuurt op een Rotterdams debat.

Nederlandse ouders van kinderen die thuisonderwijs genieten, begrijpen alvast niet wat nu eigenlijk het probleem is. Ook niet wat betreft de dreiging van radicalisering. Tonnie Nijenhuis, woordvoerder van de Nederlandse Vereniging voor Thuisonderwijs, zei in een toespraak op 29 april dit jaar: “De Salafistische levensovertuiging van een aantal gezinnen in Rotterdam zou ik hier niet eens moeten hoeven noemen. We hebben het hier over vredelievende mensen, gewaardeerde leden van onze vereniging en van de thuisonderwijsgemeenschap. Er is geen enkel verschil tussen deze ouders en welke andere thuisonderwijzers dan ook. Van radicalisering is al helemaal geen sprake.”

Ook in Mechelen zien de betrokken mensen niet in waar deze bezorgdheid plots vandaan komt. De moslim-kinderen die thuisonderwijs krijgen, worden begeleid door professionele leerkrachten. Ze slagen elk jaar in hun examens en een aantal van hen studeert ondertussen aan de universiteit. Het Mechelse thuisonderwijs is blijkbaar een succesverhaal. Vreemd dat u er niet als de kippen bij bent om dat in de verf te zetten, u die anders geen gelegenheid onbenut laat om Mechelen als beste leerling van de klas naar voor te schuiven.

Helemaal onbegrijpelijk wordt het wanneer ik teruglees wat u in maart dit jaar toevertrouwde aan MO-magazine. In een artikel over hoe in Mechelen wordt omgegaan met het probleem van radicalisering, zegt u over de salafistische moslims in uw stad het volgende: “Deze jonge mensen zetten zich actief af tegen het geweld in het Midden-Oosten, verzetten zich actief tegen extremisering. Dit wordt ook bevestigd door onze politie en als dusdanig worden ze niet als extremisten beschouwd. Deze mensen willen trouwens duidelijk salafistische moslims zijn binnen en in Mechelen. We merken dus dat salafistische groepen zich, net zoals bijvoorbeeld ultraorthodoxe joden, wel kunnen inpassen in een sociaal-cultureel diverse samenleving…Ik stel vast dat we genuanceerd moeten zijn, toch als we het over salafisme in Mechelen hebben. We beschouwen deze jonge salafistische Mechelaars niet als extremisten. We beschouwen hen wel als radicaal met een heel conservatief-religieuze maatschappijvisie. Daar moeten we niet flauw over doen. Zo ben ik het persoonlijk fundamenteel oneens met nogal wat zaken waar ze voor staan. Maar ze opereren wel degelijk binnen de rechtsstaat en wijzen geweld af.”

Geef toe dat het nogal verwarrend is. Uw politiemensen vertellen u dat de salafistische moslims in Mechelen geen bedreiging vormen, maar wanneer ze hun kinderen thuisonderwijs geven, dan moet de politie hen toch maar geregeld controleren.

Hoe gaat dat dan concreet in zijn werk, meneer Somers? Ik weet wel dat u alle Mechelse agenten een opleiding radicalisering wil geven, maar hoe moet ik me dat voorstellen? Er klopt een arm der wet op een salafistische deur en zegt: goedemiddag, mogen wij even controleren of uw kinderen niet radicaliseren? Volgt er dan een huiszoeking? Worden de kinderen onderworpen aan een verhoor? Welke criteria worden daarbij gehanteerd? Wat wordt zoal beschouwd als een verontrustend signaal? Ik trek het een beetje op flessen, maar ik vraag het me echt af. En gelooft u dat iemand met kwaad in de zin zijn malafide bedoelingen bij zo’n politiecontrole zomaar prijs zal geven? En denkt u dat iemand die zijn kinderen tot gewelddadig extremisme wil aanzetten daar het thuisonderwijs voor nodig heeft?

Wat ik in uw verhaal mis, is de reden waarom het thuisonderwijs de jongste jaren sterk is toegenomen. Uw eerste schepen Marc Hendrickx wist in september vorig jaar in Het Laatste Nieuws al te vertellen dat die toename het rechtstreekse gevolg is van het hoofddoekenverbod in het gemeenschapsonderwijs. Ook hij vond extra controles nodig en zei dat die er ook al waren geweest. Een jaar later wil u er nog eens politionele controles bovenop.

Misschien zou het dus nuttiger zijn om in het parlement de strijd aan te gaan tegen het hoofddoekenverbod. Ik weet dat u geen liefhebber bent van dat verbod. Maar dat is uw persoonlijk standpunt, binnen uw partij is er niet echt eenduidigheid. En wellicht bent u daarom in de praktijk ook niet altijd zo duidelijk. In het verleden heeft u bijvoorbeeld uw schepen van Diversiteit – toen die nog bestond – publiekelijk terechtgewezen omdat hij een actie van moslimmeisjes tegen het hoofddoekenverbod ondersteunde. U vond dat hij daardoor de indruk gaf dat de stad de traditionele islam verdedigde en dat strookte niet met het Mechelse emancipatiebeleid. Verder vind u ook dat de stad zich niet mag bemoeien met het hoofddoekenverbod in Mechelse scholen, omdat de stad geen inrichtende macht meer is. Ik heb de indruk dat u vooral in woorden tegen het verbod bent, maar er verder liever ver vanaf blijft.

Denkt u trouwens niet dat wanneer moslims bovenop het hoofddoekenverbod ook nog eens te maken krijgen met politiecontroles op het thuisonderwijs, hen dat nog meer zal sterken in de overtuiging dat islamitische scholen noodzakelijk zijn? En ook dat is toch iets waar u absoluut geen voorstander van bent.

Ik kan uw voorstel moeilijk rijmen met wat u schrijft in een opiniestuk in de De Standaard van 24 september: “Wie kiest voor een confrontatiebeleid waarbij groepen in de samenleving rechtstreeks of onrechtstreeks geviseerd en uitgesloten worden, geeft alle rattenvangers van het radicalisme alleen maar meer legitimiteit.” Want als moslims die hun kinderen thuisonderwijs geven plots de politie aan de deur krijgen om te controleren of ze hun kroost niet laten indoctrineren door extremisten, kunnen zij dat dan anders ervaren dan als een confrontatie, kunnen zij zich dan anders voelen dan geviseerd?

En daar ligt denk ik de kern van het probleem. Uw voorstel maakt mensen verdacht op basis van een geloofsovertuiging en een onderwijskeuze. Daar wil u een politionele praktijk aan vastkoppelen die bekend is als “ethnic profiling”. Jan Blommaert schrijft daarover: “Het is contraproductief omdat onschuldige leden van een gemeenschap op volstrekt subjectieve gronden als een a-priori vijand worden geselecteerd en aan vernederende en intimiderende veiligheidscontroles worden onderworpen, waardoor men ressentiment en woede uitlokt bij die onschuldigen.”

In de strijd tegen radicalisering heeft u zich altijd gematigd opgesteld. U heeft altijd gewaarschuwd voor nodeloze polarisering. Nadat Parijs voor de tweede keer getroffen werd door terroristisch geweld, heeft u in Mechelen ook voor de tweede keer een mars tegen het extremisme georganiseerd, precies om ervoor te waken dat het in uw stad niet komt tot confrontatie-denken. Ik vrees dat politiecontroles bij thuisonderwijs daarbij geen bevorderend signaal zijn.

Met vriendelijke groeten,

Dirk Tuypens

Advertenties