Screenshot 2018-05-25 22.35.39

Een van de meest verscheurende filmscènes die ik mij kan herinneren, komt uit de film Sophie’s Choice uit 1982. De titelrol wordt gespeeld door Meryl Streep, zonder meer een van haar meest memorabele vertolkingen.

De bewuste scène speelt zich af tijdens Wereldoorlog Twee. In een treinstation worden honderden joden op transport gezet naar de vernietigingskampen. Ook de niet-joodse Sophie en haar twee kleine kinderen zullen gedeporteerd worden. Met haar dochter op de arm en haar zoon dicht tegen zich aangedrukt, wacht ze angstig af. Als een Duits officier haar aanspreekt, probeert ze hem ervan te overtuigen dat zij en haar kinderen katholiek zijn. De officier stelt haar daarop voor de meest ondenkbare keuze: “Je mag één van je kinderen houden, het andere moet weg. Als je niet kiest, gaan ze allebei weg.” Ze krijgt geen bedenktijd en beslist impulsief haar dochtertje af te geven. Het kind wordt onverbiddelijk van haar arm getrokken en naar de goederentrein gedragen. Als versteend kijkt Sophie haar na, haar gezicht verstard in een langgerekte, geluidloze schreeuw.

Zal iemand beweren dat de spielerei van die vrolijke Hans iets anders is dan barbaars?

Maar Sophie’s Choice gaat over meer dan de vreselijke gebeurtenis in dat treinstation. De film gaat ook over wat er met Sophie gebeurt in de jaren die erop volgen. Daarin wordt duidelijk dat vrolijke Hans nog een tweede wandaad jegens Sophie op zijn geweten heeft. Nadat hij haar tot die onmenselijke keuze dwong, gooide hij haar ook een loodzware last in de schoot: de schuld voor de dood van haar kind. “Het is jouw schuld, jouw keuze, jij bent verantwoordelijk.” Een ondraaglijke last die haar verdere leven onmogelijk maakt en haar uiteindelijk tot zelfmoord brengt.

Op een strand in Turkije spoelt het dode lichaam van de Syrische kleuter Aylan aan. Hij verdronk toen het gammele bootje waarin zijn ouders hem naar een veilig leven wilden brengen, kapseisde. “Het is jullie schuld, jullie zijn met hem in dat bootje gestapt, jullie zijn verantwoordelijk. Dat mag toch nog gezegd worden?”

Aan de grens tussen Gaza en Israël sterft een kind van acht maand onder het geschut van Israëlische soldaten. Ze veranderden een legitieme protestmars in een onbeschrijflijk bloedbad. “Het is jullie schuld, jullie brachten dat kind mee naar die plek, jullie zijn verantwoordelijk. Dat mag toch nog gezegd worden?”

Een kind van twee wordt in het hoofd getroffen door een politiekogel en sterft. Zijn ouders probeerden hun gezin ver weg te brengen van het geweld in Irak. “Het is jullie schuld, jullie hadden hier niet moeten zijn, jullie zijn verantwoordelijk. Dat mag toch nog gezegd worden?”

Zij die vandaag de loden last van de schuld in de schoot van deze moeders en vaders werpen, hebben hun kinderen niet eigenhandig de dood ingejaagd. Ze hebben zich niet schuldig gemaakt aan de eerste wandaad van vrolijke Hans. Aan de tweede wel. Ze vertrappen moedwillig het leven van mensen die alleen probeerden hun kinderen te redden van de hel. Wat rest hen anders nog dan de machteloze, geluidloze schreeuw? Wat anders dan de schaamte, de schande en de genadeloze schuld?

Mag dit nog gezegd worden?

Advertenties